Adviseren

Adviseren

Het ENW geeft gevraagd en ongevraagd advies over technisch-inhoudelijke aspecten op het gebied van waterveiligheid. ENW-adviezen worden altijd en alleen uitgebracht door de ENW-Kerngroep. Afhankelijk van de complexiteit van de adviesvraag vindt directe behandeling plaats in de ENW-Kerngroep of wordt de adviesvraag eerst door één van de werkgroepen behandeld, zo nodig met specialisten uit andere werkgroepen. Het werkgroepadvies is de basis voor het definitieve advies van de Kerngroep. Het ENW streeft naar een doorlooptijd voor een adviesaanvraag van maximaal drie maanden.

Scope advisering ENW

Het ENW adviseert vooral het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, waterschappen, provincies en Rijkswaterstaat over uiteenlopende aspecten van de waterveiligheid. Het gaat daarbij met name om advies over nieuwe ontwikkelingen (innovaties), over gerezen problemen bij het toepassen van technische leidraden en de bruikbaarheid in specifieke situaties. Adviesvragen kunnen bijvoorbeeld gaan over de technische consequenties van beleidskeuzen, de validiteit van nieuwe kennis of het toepassen van nieuwe technieken. Alle uitgebrachte adviezen sinds 2005 zijn op deze website te raadplegen. Het ENW kan ook ongevraagd advies uitbrengen wanneer het daartoe reden ziet.

Voorwaarden advies en procedure

Overheidsinstanties met een verantwoordelijkheid in de waterveiligheid kunnen bij het ENW een verzoek om advies indienen. Hiervoor geldt een standaard procedure.

Daarbij zijn er enkele algemene uitgangspunten:

  1. U zorgt zelf voor de nodige interne en externe kwaliteitsborging van uw project. Deze kwaliteitsborging moet zijn afgerond voordat u zich tot het ENW wendt. Hoe beter de kwaliteitsborging is geregeld, hoe vlotter een ENW-advies tot stand kan komen.
  2. Betrek voldoende experts, dit kunnen ook experts zijn die lid zijn van het ENW. Zij adviseren u dan echter niet als ENW'er, zodat het ENW later de handen vrij heeft voor onafhankelijk advies. Het ENW verzorgt met een advies feitelijk de finale beoordeling. Maak inzichtelijk hoe u de kwaliteitsborging heeft geregeld en wie er bij zijn betrokken.
  3. U zorgt voor een heldere vraagstelling aan het ENW. Hoe concreter de vraag, hoe concreter het antwoord. De vraag en eventuele deelvragen moeten zijn verwoord in de brief.
  4. U zorgt voor het op orde zijn van de bijlagen bij de adviesvraag. Memo's, rapporten en dergelijke moeten uw interne kwaliteitsborging hebben doorstaan voordat u deze aan het ENW voorlegt. Geef bij voorkeur aan welke passages uit de bijlagen relevant zijn voor het advies.
  5. U geeft duidelijk aan waarom u advies van het ENW wenst en welke waarde u eraan hecht.