Ga direct naar Tekstgedeelte

AAA

Procedure bij Gevraagd advies

Wanneer een overheidsorganisatie het initiatief neemt voor een adviesvraag geldt de volgende procedure:

  1. Elke adviesvraag start met een intake bij het ENW secretariaat. De adviesvrager neemt contact op met de ENW-coördinator, de heer D. de Bake (Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.). Uit het intakegesprek moet onder meer blijken of de vraag past binnen de scope van het ENW en dus of het ENW de vraag in behandeling kan nemen. Zo adviseert het ENW in principe niet over het toepassen van reeds bestaande kennis en kan de vraag misschien beter gesteld kan worden aan de Helpdesk Water (toepassen bestaande kennis), aan een advies- of ingenieursbureau (bijvoorbeeld omtrent het uitvoeren van een toetsing of het maken van een ontwerp) of aan het Kennisplatform Risicobenadering (toepassen Ontwerpinstrumentarium, nieuwe normering). De ENW-coördinator besluit, eventueel na intern overleg, of een vraag in behandeling genomen wordt. In het intakegesprek komt ook aan de orde wie de vraag formeel stelt (zie ook punt 4) en welke voorwaarden het ENW stelt aan de stukken die worden aangeleverd.
  2. De adviesvrager bespreekt een concept van de adviesvraag met de ENW-coördinator, waarna de adviesvraag wordt afgerond en formeel wordt ingediend.
  3. Adressering van de adviesaanvraag (brief + bijlagen) is als volgt:
         Expertise Netwerk Waterveiligheid
         de voorzitter de heer ir. G. Verwolf
         p/a Rijkswaterstaat WVL, afdeling Waterkeringen
         t.a.v. ir. D. de Bake
         Postbus 2232, 3500 GE Utrecht
  4. De adviesvraag wordt -in principe- ingediend namens het bestuur van de vragende organisatie en is minimaal ondertekend op directieniveau. Het ENW richt haar adviezen aan waterschappen aan het dagelijks bestuur, adviezen aan DGRW aan de Directeur-Generaal Ruimte en Water en adviezen aan Rijkswaterstaat aan de HID van de desbetreffende dienst of de programmadirecteur.
  5. Zodra een vraag in behandeling is genomen bepalen de ENW-voorzitter, de werkgroepvoorzitters en de ENW-coördinator welke ENW-groep de adviesaanvraag zal bespreken. Afhankelijk van de complexiteit van de vraag is dit de Kerngroep, één van de werkgroepen, meerdere werkgroepen voor verschillende onderdelen waarbij één werkgroep leidend is, of een speciaal in te richten tijdelijke groep.
  6. De ENW-coördinator stelt de adviesvrager op de hoogte van de behandeling van de adviesvraag in het ENW en de planning die daarbij hoort. Gestreefd wordt deze terugkoppeling te geven binnen twee weken na de intake.
  7. De meeste adviesvragen zullen in één van de werkgroepen worden behandeld, waarna de werkgroep een advies opstelt voor de Kerngroep. Tijdens de behandeling in de werkgroep kan de adviesvrager nadere toelichting geven. Afspraken hierover worden rechtstreeks gemaakt tussen de adviesvrager en de werkgroepsecretaris.
  8. De Kerngroep bespreekt het werkgroepadvies en stelt daarna het definitieve advies op. De adviesvrager ontvangt het advies altijd schriftelijk. DGRW ontvangt altijd een afschrift.
  9. Na enkele weken informeert de ENW-coördinator bij de adviesvrager hoe het advies is ontvangen en wat er met het advies is of wordt gedaan.